Geen Europese sociale eenheidsworst

Vader en zoon

De Europese Commissie heeft haar plannen voorgesteld voor de uitbouw van een Europese pijler van sociale rechten. “We steunen de wil om tot een socialer Europa te komen”, zegt Europees Parlementslid Helga Stevens. “Maar de Europese Commissie moet inzien dat de economische situatie en de arbeidsmarkt in elke lidstaat verschillend zijn.” Stevens pleit dan ook voor meer maatwerk. Hetzelfde beleid opdringen aan alle lidstaten werkt nu eenmaal niet.

De Europese Commissie wil onder meer dat vaders recht hebben op tien dagen vaderschapsverlof en dat zowel moeders als vaders minstens vier maanden ouderschapsverlof kunnen opnemen, in elke lidstaat van de EU.

Meer maatwerk

Helga Stevens beklemtoont het belang van een evenwicht tussen werk en privé en staat open voor elk constructief voorstel. “Maar net wanneer de topman van de VDAB De Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding (VDAB) is een Vlaamse overheidsdienst die vraag en aanbod op de arbeidsmarkt samenbrengt, bemiddelt voor werkzoekenden en hen naar werk begeleidt via een traject op maat. In het kader van de zesde staatshervorming werd ook de controle en sanctionering van werkzoekenden, een vroegere RVA-bevoegdheid, in 2016 een taak van de VDAB. De Waalse tegenhanger van de VDAB is Forem en de Brusselse Actiris. VDAB benadrukt dat Vlaanderen nood heeft aan meer autonomie om zijn eigen arbeidsmarktbeleid te bepalen, wil de Commissie de lidstaten in een keurslijf dwingen. En dat werkt niet”, aldus Stevens. “Kijk maar naar Spanje: een land met een torenhoge werkloosheid. Wat is het nut om een verlofstelsel op te leggen, wanneer mensen niet eens een job hebben?”

Kansen grijpen

Recent haalde de Europese Commissie nog uit naar de positie van allochtonen in het Vlaamse onderwijs en op onze arbeidsmarkt. Matthias Diependaele, fractievoorzitter in het Vlaams Parlement, reageert erg verrast: “Al jaren zet Vlaanderen in op maatwerk om mensen te begeleiden naar de arbeidsmarkt. Heel wat andere lidstaten volgen die aanpak, omdat het voor allochtonen ook de beste oplossing is”, vervolgt hij. “Net om de kansen van nieuwkomers te verhogen, zet Vlaanderen sterk in op taalstages en opleidingen op de werkvloer. Bovendien is ons onderwijssysteem een van de meest emanciperende van alle OESO De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO), opgericht in 1961 als uitvloeisel van het Marshallplan, is een samenwerkingsverband van 34 landen om sociaal en economisch beleid te bestuderen en te coördineren. De aangesloten landen proberen hun gezamenlijke problemen op te lossen en hun internationaal beleid onderling af te stemmen. Om vergelijkende analyses te doen, verzamelt de organisatie ook statistische informatie. Die OESO-analyses zijn voor de N-VA een waardevolle basis om het beleid aan af te toetsen of het zelf mee vorm te geven. OESO-landen en legt Vlaanderen al jaren de klemtoon op Inburgering Vlaanderen voert een inburgeringsbeleid. Dat is een begeleide en doelgericht gestuurde vorm van maatschappelijke integratie van mensen van vreemde afkomst. Bedoeling is de nieuwkomers een volwaardige plaats te geven in de samenleving door insluiting in plaats van uitsluiting. De inburgering, met onder meer taallessen en inburgeringscursussen, werd concreet door de deelname van de N-VA aan de Vlaamse regering sinds 2004 en de aanstelling van een minister van Inburgering. inburgering en taalondersteuning. Maar het is uiteraard ook aan de nieuwkomers én oudkomers om de kansen te grijpen die hun worden aangeboden”, besluit Diependaele.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is