Het Vlaams onderwijs had een achterstand inzake digitalisering. Zo liet de digitale infrastructuur te wensen over en werden leerkrachten niet gewapend om digitaal les te geven. Vlaanderen heeft de coronacrisis aangegrepen om die achterstand om te buigen in een voorsprong. Onder de naam ‘Digisprong’ investeert de Vlaamse overheid 385 miljoen euro in de digitalisering van ons onderwijs, met onder meer een individueel ICT-toestel voor elke leerling vanaf het vijfde leerjaar. Daarbovenop werd er nog eens 85 miljoen euro uitgetrokken voor de digitale uitrusting van de leerkrachten. De grootschalige digitalisering opent ongekende mogelijkheden om ons onderwijs te moderniseren en verder te verbeteren, maar dan hebben leerkrachten wel de juiste ondersteuning nodig om een succes te maken van de Digisprong.

Dubbel zoveel opleidingsbudget

Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts maakt nu zo’n 20 miljoen euro vrij zodat elke leerkracht zich de komende jaren kan bijscholen op het gebied van ICT. Er gaat meer dan 15 miljoen euro naar extra bijscholingsbudget voor de scholen. Dat is ongeveer dubbel zoveel als wat een school normaal per schooljaar krijgt voor bijscholing. Scholen mogen het geld alleen benutten voor ICT-bijscholingen, maar ze krijgen daarvoor wel de tijd tot en met 2026. Daarnaast krijgen ook de Centra voor Volwassenenonderwijs (CVO’s) fondsen zodat ze voldoende kwalitatieve ICT-opleidingen specifiek voor leerkrachten kunnen voorzien.

Totaalplan

“De Digisprong is veel meer dan alleen een vloedgolf van laptops: het is een totaalplan dat ook oog heeft voor bijvoorbeeld goede omkadering, digitale leermiddelen én goede ICT-opleidingen voor leerkrachten”, zegt Weyts. “In de lerarenopleidingen komt er meer aandacht voor ICT en voor de huidige leerkrachten voorzien we nu dus een groot bijscholingsoffensief.”