Zuhal Demir gaat Europese “Fit for 55” toetsen op haalbaarheid en betaalbaarheid

Door Zuhal Demir op 14 juli 2021, over deze onderwerpen: Leefmilieu, Klimaat
Zuhal Demir

“Ongetwijfeld komt op sommige banken al een applausmachine op gang, maar wij gaan het Fit for 55-pakket eerst grondig toetsen aan onze drie criteria: ambitieus, haalbaar en betaalbaar.” Zo reageert Vlaams minister van Energie Zuhal Demir op de publicatie door de Europese Commissie van het Fit for 55-pakket, waarin een reeks voorstellen rond energie en klimaat wordt gebundeld.

Lang gewacht op duidelijkheid

In december 2020 kwamen de Europese staats -en regeringsleiders reeds overeen dat de Europese Klimaatdoelstelling voor 2030 zou aangescherpt worden naar een reductie van 55 procent ten opzichte van 2005. Eind april 2021 bereikten Europese onderhandelaars een politiek akkoord over de Europese Klimaatwet waarin deze 55 procent doelstelling ook verankerd werd, ook al was het op dat moment nog niet duidelijk hoe deze doelstelling exact gerealiseerd zou worden.

Wie gaat dat betalen?

Minister Demir heeft nog een pak vragen bij de Europese doelstellingen. “Vlaanderen dringt al lang aan op meer duidelijkheid over de impact van de aangescherpte Europese klimaatdoelstelling die vorig jaar werd beslist door de Europese Raad van staats -en regeringsleiders. Wie gaat de kosten dragen van het verhoogde ambitieniveau?  Wat zijn de gevolgen voor de energiefactuur van de gezinnen en de jobs in ons land? Bij het opbod van de Europese klimaatpercentages bleven al deze pertinente vragen steeds onbeantwoord. Ook onze voorstellen om de verdeling te baseren op kostenefficiëntie werd toen niet in de teksten opgenomen.”

Nu het Fit for 55-pakket is gepubliceerd, ligt er een voorstel op tafel waarbij de impact van de verhoogde doelstelling voor elkeen in kaart gebracht wordt. Ook voor de Vlaamse gezinnen en de jobs in ons land. “Vlaanderen zal de meer dan 3.800 pagina’s aan voorstellen en impactanalyse dan ook grondig analyseren”, klinkt het.

Reden tot bezorgdheid

Met een scherpe verhoging van de Belgische broeikasgasreductiedoelstelling tot -47 procent tegen 2030 (momenteel bedraagt deze doelstelling nog 35 procent reductie tegen 2030 ten opzichte van 2005), de introductie van een koolstofprijs voor elke Vlaming met een auto en een huis, en bijkomende solidariteitsmechanismen die de betaalbaarheid van het klimaatbeleid in andere landen moet waarborgen, is er alvast reden tot bezorgdheid.

Verdeling uitstootreductie vooral op basis van Bbp Het bruto binnenlands product (bbp) omvat de totale productie van goederen en diensten binnen een land, zowel van bedrijven als van de overheid. De term wordt meestal gebruikt als maatstaf voor de welvaart van een land. Vandaar dat de N-VA de evolutie van het Belgische bbp nauw in de gaten houdt. Dat de Belgische staatsschuld al jaren flirt met de grens van 100 procent van het bbp en die zelfs regelmatig overschrijdt, vindt de N-VA zorgwekkend. Het legt immers een zware hypotheek op onze welvaart. bbp per inwoner

De Europese Commissie stelt voor België voor de niet-ETS sectoren een aangescherpte emissiereductie van -47 procent voor tegen 2030 tegenover 2005. Dat is een significante verhoging van de huidige doelstelling, die een emissiereductie van -35 procent vooropstelt voor dezelfde periode. Ook het Vlaams Energie- en Klimaatplan 2021-2030 (VEKP) gaat uit van een emissiereductie van -35 procent tegen 2030 ten opzichte van 2005. De nieuwe documenten vermelden dat de verdeling voornamelijk gebaseerd is op BBP per inwoner en minder op kostenefficiëntie.

Moeizame besprekingen verwacht op Europees niveau

Vandaag gaat het louter om voorstellen van de Europese Commissie. Dit is nog lang geen besliste wetgeving. Vooraleer dit daadwerkelijk “beslist beleid” is moet er nog een heel proces doorlopen worden. De Europese Raad en het Europees Parlement moeten zich er elk afzonderlijk over buigen, vervolgens starten besprekingen met de Europese Commissie om tot een finaal akkoord te komen. Dat duurt minstens een jaar, en mogelijk nog veel langer.

“We blijven niet stilzitten in tussentijd en focussen ons dan ook verder op het uitvoeren van de maatregelen die in het VEKP voorzien zijn. Daar ligt nog veel werk op de plank en daar werken we intussen verder aan”, zegt Demir

“Het beloven immers uiterst moeilijke besprekingen te worden op Europees niveau, wat wellicht meer dan een jaar zal duren. Binnen België vermoed ik dat de besprekingen vlotter zullen lopen. Ik ga er immers van uit dat de collega’s van de andere regeringen, die het luidst opgeroepen hebben om het ambitieniveau aan te scherpen, na vandaag eenzelfde voluntarisme aan de dag zullen leggen om inspanningen op zicht te nemen”, besluit Demir.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is