Björn Anseeuw over akkoord loonoverleg: “Dit akkoord legt verdeeldheid binnen regering-De Croo bloot én kan duizenden jobs kosten”

Door Björn Anseeuw op 6 mei 2021, over deze onderwerpen: Economie, Werken, Ondernemen, Sociaal overleg
Björn Anseeuw

Nadat de vakbonden het loonoverleg hadden opgeblazen, slaagde de federale regering er de voorbije dagen ook niet in om tot een akkoord te komen over de Loonnorm De loonnorm bepaalt hoeveel de loonkosten maximaal mogen stijgen rekening houdende met de loonkostenontwikkeling bij onze voornaamste handelspartners Duitsland, Nederland en Frankrijk. Op die manier stellen we de competitiviteit van onze economie veilig. De loonnorm wordt om de twee jaar vastgelegd en fungeert als een soort omkadering van het tweejaarlijks loonoverleg in de sectoren en de ondernemingen. loonnorm . “Met het zogenaamde akkoord, wat eigenlijk niet meer dan een nieuw bemiddelingsvoorstel is, legt men vooral de verdeeldheid binnen de regering bloot én wordt het probleem nu gewoon doorgeschoven naar de verschillende sectoren”, zegt Kamerlid Björn Anseeuw.

Het luidt nu dat een extra premie van 500 euro mogelijk is binnen de bedrijven die het ‘goed hebben gedaan’. Dit akkoord legt vooral de verdeeldheid binnen de regering-De Croo bloot én kan ons land duizenden jobs kosten.

Paars-groen schuift hete aardappel door naar de sectoren

De paars-groene regering legde namelijk geen criterium vast op basis waarvan kan worden bepaald welke bedrijven het goed hebben gedaan. Terwijl dat net de essentie is natuurlijk. En dus kwam de regering vooral tot een akkoord dat ze over de essentie geen akkoord hebben. Zo schuift men de hete aardappel natuurlijk door naar de verschillende sectoren waar de druk nu erg hoog zal zijn om iedereen zo’n premie uit te betalen, ook al was het voorbije coronajaar voor heel wat bedrijven een rampjaar.

De Croo geeft opnieuw toe aan druk van PS

De regering-De Croo geeft opnieuw toe aan de druk van de PS, meent Anseeuw. “Ze maakt het mogelijk om de loonkost in ons land opnieuw sterker te laten stijgen dan in onze buurlanden, wat ons duizenden jobs zal kosten. Voor een regering die zogezegd een Werkzaamheidsgraad Stemt overeen met het gedeelte van de bevolking dat werkt binnen de bevolkingsgroep op beroepsactieve leeftijd, bijvoorbeeld de 20- tot 64-jarigen. werkzaamheidsgraad van 80 procent zegt na te streven kan dat tellen. Het blijft ook speuren naar maatregelen van de regering die effectief voor mee jobs zorgen.”

Het had de regering pas echt gesierd als ze zelf solidair zou zijn met werkgevers en werknemers en de 3,2 procent opslag netto zou geven. Op die manier geven we de werknemers een deftige opslag, recht in hun handen. Zonder dat vadertje staat eerst 50 procent afroomt en zonder dat het de werkgevers één euro meer kost.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is