Assistentiehonden zijn van onschatbare waarde. Ze bieden dag en nacht ondersteuning en nemen verschillende taken van mantelzorgers over. Denk bijvoorbeeld aan het halen van post, het openen van deuren of het oprapen van voorwerpen. Daarom vraagt de N-VA meer aandacht voor deze dieren in het beleid voor personen met een beperking.

Meldhonden epilepsie en diabetes

Van der Vloet merkt op dat dat vandaag te weinig het geval is. “Vandaag staan enkel hoorhonden, geleidehonden voor blinden en hulphonden op de refertelijst van het Vlaams Agentschap voor personen met een Handicap (VAPH). Daardoor komen enkel deze honden in aanmerking komen voor een standaardtegemoetkoming. We ijveren ervoor om ook bijvoorbeeld meldhonden voor epilepsie- en diabetespatiën­ten, posttraumatische stressstoornis-honden en autismehond in de refertelijst van het VAPH op te nemen. Ook vragen we te onderzoeken welke honden verder nog in aanmerking kunnen komen voor een opname in de lijst”, aldus van der Vloet.

Duur

Een assistentiehond is geen goedkoop hulpmiddel. “Begin 2022 lag de prijs op zo’n 25.000 euro. Bij een terugbetaling betaalt de overheid 13.169,49 euro terug. Gebruikers en scholen voor assistentiehonden moeten dus zelf nog veel geld opleggen. We willen daarom samen met de sector bekijken hoe de terugbetaling meer in overeenstemming kan worden gebracht met de reële kostprijs van de hond”, zegt Tine.

Win-win

“Een assistentiehond betekent een win-win voor zowel de gebruiker als de maatschappij. Uit eerder onderzoek van 2006 blijkt dat één euro geïnvesteerd in een assistentiehond de maatschappij 2,50 euro bespaart. We vragen dan ook dit onderzoek te herhalen en om na te gaan wat de maatschappelijke winst van assistentiehonden is”, vervolgt van der Vloet.

Opleiding

Vandaag bestaat er in Vlaanderen geen erkende opleiding voor assistentiehondentrainers. “Als we kwaliteitsvolle assistentiehonden willen afleveren is het belangrijk dat er een kwalitatieve opleiding is voor hondentrainers. We vragen dan ook aan de Vlaamse Regering te bekijken of een kwalitatieve opleiding voor hondentrainers mogelijk is en wat de precieze kostprijs hiervan zal zijn”, besluit van der Vloet.