Zesde staatshervorming

Zesde staatshervorming

De klassieke staatshervormingen verlopen steeds volgens hetzelfde recept. Vlaanderen krijgt stukjes en brokjes van bevoegdheden, en moet daarvoor een hoge democratische en financiële prijs betalen.

Al bij de eerste staatshervorming is de democratische meerderheid van de Vlamingen geblokkeerd door de grendelgrondwet. De latere staatshervormingen hebben die blokkeringen enkel versterkt en uitgebreid. 

Bovenop die hoge democratische prijs, is er de zware financiële prijs. Bij elke staatshervorming zorgden de Franstalige onderhandelaars ervoor dat een deel van de Vlaamse welvaart naar Wallonië en Brussel vloeit. 

De zesde staatshervorming is geen uitzondering. Sterker nog, de factuur die de Vlamingen dit keer moeten betalen, loopt op tot minstens 4,6 miljard euro of jaarlijks meer dan 1.500 euro per Vlaams gezin.

In ruil voor die hoge prijs krijgen de Vlamingen helaas geen efficiëntere overheid. Integendeel. Staatshervorming na staatshervorming wordt de overheid complexer en ondoorzichtiger. De zesde staatshervorming zet die traditie verder. Het gezondheidsbeleid, bijvoorbeeld, zal nog meer versnipperd zijn dan vandaag.

Intussen blijven de sociaaleconomische sleutelbevoegdheden federaal. Precies deze hefbomen – en échte fiscale autonomie – hebben we nodig om onze welvaart, en dus ons welzijn, te versterken. 

Lees meer overStaats|hervorming