Zorginspectie naar niet-geregulariseerde Nederlandstalige kinderopvang in Brussel

14 december 2016, over deze onderwerpen: Kinderopvang, Wonen en werken in Brussel

De dertien Nederlandstalige kinderopvanginitiatieven die nog niet voldoen aan de taalnormen krijgen binnenkort de Zorginspectie op bezoek. Dat antwoordde minister Jo Vandeurzen op een parlementaire vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Lies Jans (N-VA). “Ik ben tevreden dat de minister ingaat op onze verzuchtingen.”

“Op 31 maart 2017 moet iedereen voldoen aan de taalnormen die zijn opgelegd in het decreet. Dertien initiatieven voldoen nog steeds niet aan die voorwaarden maar het is belangrijk dat zij zich voor de deadline regulariseren. Nederlandstalige kinderopvang in Brussel is erg belangrijk voor de N-VA”, aldus Vlaams volksvertegenwoordiger Lies Jans die minister Vandeurzen in de Commissie Welzijn, Volksgezondheid en Gezin over dit onderwerp ondervroeg. “De minister somde de initiatieven op die hij reeds genomen had om de Nederlandstalige kinderopvanginitiatieven te regulariseren conform het decreet. Voor wie nu nog steeds niet in orde is met de taalnormen wacht een bezoek van de Zorginspectie. Voor de N-VA is het belang van Nederlandstalige opvang in Brussel alvast cruciaal”, aldus Lies Jans, die voor de N-VA meeschreef aan het decreet kinderopvang en het aspect van de taalvereisten in dat decreet betonneerde. Zo moeten de verantwoordelijke en minstens één kinderbegeleider een actieve kennis van het Nederlands hebben.

Cijfermateriaal
De minister ging voorts nog in op een tweede bekommernis van Lies Jans. Zij had gevraagd naar de registratie van Nederlandstalige kinderen in Brusselse kinderopvang die door Kind & Gezin worden gesubsidieerd. De minister beloofde dit te onderzoeken. “Meten is weten. Je kan maar een behoorlijk beleid voeren als je het juiste cijfermateriaal in handen hebt. Dat wordt nu onderzocht. Wij doen alvast een oproep om ook de Nederlandstalige kinderen in Brussel te registreren die géén plaats vinden in de Nederlandstalige kinderopvang. Ook die cijfers zijn essentieel. Wij hopen dat de minister in één beweging ook dit aspect zal onderzoeken”, besluit Jans.