Vlamingen houden van onroerend erfgoed

25 februari 2020, over deze onderwerpen: Onroerend erfgoed

Hoe belangrijk is onroerend erfgoed en de zorg ervoor voor de burgers in Vlaanderen? Het Agentschap Onroerend Erfgoed ging met deze onderzoeksvraag aan de slag. “Bijna 70 procent van de Vlamingen vindt het behoud van ons onroerend erfgoed belangrijk. Het draagvlak voor onroerenderfgoedzorg is groot”, zegt Vlaams minister Matthias Diependaele. “Dat is niet verwonderlijk. Onroerend erfgoed vertelt het verhaal van een dorp, een stad, een ambacht. Erfgoed verbindt en maakt trots, het bepaalt mee onze Vlaamse identiteit. Ik ben blij dat dit draagvlakonderzoek dit ook bevestigt.”

Uit het onderzoek van het Agentschap Onroerend Erfgoed blijkt dat het draagvlak voor onroerenderfgoedzorg in Vlaanderen groot is. Vlamingen waarderen de diversiteit van ons onroerend erfgoed en vinden dat we dit moeten behouden. Het gaat dan in de eerste plaats om klassiekers zoals burchten, kastelen en landhuizen (88 procent). Maar ook andere categorieën van erfgoed scoren hoog: landschappen (85 procent); parken en tuinen (80 procent); stads- en dorpsgezichten (80 procent); historisch belangrijke plekken (76 procent); archeologische sites (73 procent).

De deelnemers verwachten meer aandacht voor erfgoed voor de gewone man en benadrukken het belang van een hedendaagse invulling van erfgoed. We moeten niet alles fysiek bewaren. Vooral jongeren zien mogelijkheden in digitalisering. “Dat is een belangrijk resultaat. Ons onroerend erfgoed vertelt een verhaal. Ons verhaal. Het geeft vorm aan wie we zijn. Het is dus essentieel dat de jongeren weten van waar we komen. Ons erfgoed kunnen we dus beschouwen als monumentale geschiedenisboeken”, vertelt Vlaams minister van Onroerend Erfgoed Matthias Diependale.

Behoud van erfgoed
Uit het onderzoek blijkt verder ook dat Vlamingen rekenen op de overheid om voor het behoud van onroerend erfgoed te zorgen (67 procent). Ze verwachten dat de overheid monumenten en landschappen restaureert (53 procent) en ze openstelt (46 procent). De burgers kijken minder naar de overheid voor het beslissen wat we erfgoed noemen of voor het geven van premies voor restauraties en opgravingen. Iets meer dan de helft van de deelnemers vindt het belangrijk mee te kunnen beslissen over wat we beschermen. Twee derde vindt het belangrijk om mee te denken over het verwaarloosd of leegstaand onroerend erfgoed in hun buurt.

Participatie
Minister Diependaele: “Op het vlak van erfgoedparticipatie scoort Vlaanderen hoog. Onroerend erfgoed maakt voor het merendeel van de bevolking onderdeel uit van het dagelijks leven. Tijdens alledaagse activiteiten zoals wandelen, fietsen, winkelen … hoort onroerend erfgoed er voor 91 procent van de bevolking ‘vanzelfsprekend’ bij.”

Het bezoeken van erfgoed varieert per type. Voor 8 op de 10 Vlamingen staat een bezoek aan een monument minstens één keer per jaar op het programma. Ook historisch waardevolle landschappen of parken trekken veel bezoekers (73 procent). Een industriële site bezoeken gebeurt een stuk minder (55 procent). De bezoeken gebeuren hoofdzakelijk in de omgeving van de eigen woonplaats (64 procent) en Vlaanderen (78 procent), maar een hoog percentage bezoekt op vakantie ook graag erfgoed in het buitenland (67 procent). “De redenen zijn uiteenlopend. De meesten bezoeken erfgoed omdat ze het mooi vinden. Anderen zoeken naar informatie over het verleden of vinden dat je bepaalde zaken moet gezien of meegemaakt hebben”, weet minister Diependaele.

Troeven
De troeven van onroerend erfgoed liggen voornamelijk in haar esthetische en educatieve waarde. Erfgoed is mooi, ze kunnen ervan leren over geschiedenis, oude ambachten, … De deelnemers van de focusgroepen willen onroerend erfgoed vooral ‘beleven’. Ze vinden er naast schoonheid ook sfeer of rust. “De verhalen achter het erfgoed zijn cruciaal. Erfgoed roept sfeer en verbondenheid op. Erfgoed is voor zowat iedereen een stuk van onze identiteit; “het maakt ons uniek”. Erfgoed creëert een bepaalde vorm van verbinding, van trots”, besluit minister Diependaele.