Vlaanderen blijft investeren in Brussel

31 augustus 2016, over deze onderwerpen: Wonen en werken in Brussel

Vlaanderen blijft volop investeren in zijn hoofdstad. De zogenaamde Brusselnorm, volgens dewelke de Vlaamse Gemeenschap 5 procent van haar middelen in Brussel investeert, wordt in haast alle beleidsdomeinen moeiteloos gehaald. Meer nog, ten opzichte van 2014 stijgt het aandeel van Brussel. Dat blijkt uit de antwoorden op schriftelijke vragen die Vlaams volksvertegenwoordiger Karl Vanlouwe stelde aan de bevoegde Vlaamse ministers.

De Vlaamse Gemeenschap is in Brussel onder meer bevoegd voor belangrijke materies zoals onderwijs, welzijn, gezondheidszorg, cultuur en Inburgering Vlaanderen voert een inburgeringsbeleid. Dat is een begeleide en doelgericht gestuurde vorm van maatschappelijke integratie van mensen van vreemde afkomst. Bedoeling is de nieuwkomers een volwaardige plaats te geven in de samenleving door insluiting in plaats van uitsluiting. De inburgering, met onder meer taallessen en inburgeringscursussen, werd concreet door de deelname van de N-VA aan de Vlaamse regering sinds 2004 en de aanstelling van een minister van Inburgering. inburgering en integratie.
Van alle Vlaamse ministers spant Liesbeth Homans de Brusselse kroon. Maar liefst 13,10 procent van de middelen die Vlaanderen investeert in 'Inburgering en integratie' gingen in 2015 naar Brussel. “Vlaams minister van Inburgering Liesbeth Homans zet fors in op inburgering en integratie”, zegt Karl Vanlouwe. “Haar totale budget voor Iintegratie en inburgering’ is in 2015 met bijna 2 miljoen euro gestegen ten opzichte van 2014. Bovendien werd de hele integratie- en inburgeringssector in 2015 hervormd, waardoor de middelen op een meer rationele en effectieve manier ingezet kunnen worden.”

Vanlouwe blijft inmiddels pleiten voor een verdere decentralisatie van de werking van het Huis van het Nederlands. “Op dit ogenblik is het Huis van het Nederlands niet aanwezig in alle Brusselse gemeenten, waardoor voor een groot aantal Brusselaars de drempel te hoog blijkt om Nederlandse lessen te volgen. De gemeenschapscentra zijn echter wel aanwezig in alle 19 gemeenten, waardoor het zinvol zou zijn om in bepaalde gemeenschapscentra een antennewerking van het Huis van het Nederlands op te richten.”

De Vlaamse middelen voor ‘Stedenbeleid’ werden vorig jaar voor 9,5 procent in Brussel besteed. Ook in dit domein haalt minister Homans de Brusselnorm dus ruimschoots. Bovendien investeerde de Vlaamse overheid voor Stedenbeleid in 2015 ruim een half miljoen euro meer dan in 2014.

Ook voor het beleidsdomein ‘Cultuur, jeugd en media’, dat onder andere middelen voor de Vlaamse culturele instellingen en voor de Vlaams-Brusselse media omvat, haalt de Vlaamse Regering de norm met 9,82 procent.

Voor het beleidsdomein ‘Sport’ werd de Brusselnorm in 2015 echter niet gehaald: maar 3,77 procent van de middelen werd in Brussel geïnvesteerd. Dit laag cijfer is te wijten aan het feit dat men in Brussel niet is ingegaan op de projectoproep ter ondersteuning van zwembaden die minister Muyters deed. Er werd 10 miljoen euro ingeschreven voor 19 projecten, maar vanuit Brussel kwam er geen enkele subsidieaanvraag. Als we deze tien miljoen euro buiten beschouwing laten, haalt 'Sport' de Brusselnorm wel.

Voor het Nederlandstalig onderwijs in Brussel trekt Vlaanderen traditiegetrouw het meeste geld uit: in 2015 meer dan 635 miljoen euro, zijnde 5,84 procent van het totale budget voor onderwijs in Vlaanderen. In vergelijking met 2014 betekent dit toch een substantiële stijging van 45 miljoen euro. “Je ziet duidelijk dat onderwijs één van de speerpunten van het Vlaams beleid in Brussel is en dat Vlaanderen het succesvolle Nederlandstalige onderwijs in Brussel wil blijven ondersteunen”, zegt Vanlouwe.

Zorgenkind
In het beleidsdomein ‘Welzijn, Volksgezondheid en Gezin’ werd de norm in 2015 bijlange niet gehaald. Meer nog, met amper 1,66 procent van de middelen voor Brussel was er een serieuze daling merkbaar ten opzichte van de voorgaande jaren, toen de norm ook al niet gehaald werd. Toch moet het cijfer voor 2015 sterk genuanceerd worden. Met de zesde staatshervorming heeft de Vlaamse Gemeenschap bijkomende middelen gekregen voor nieuwe gemeenschapsbevoegdheden die evenwel stoppen aan de grens met het hoofdstedelijk gewest. Kinderbijslag is hier het belangrijkste voorbeeld. In het Brusselse Gewest is die bevoegdheid naar de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie gegaan. Met andere woorden: door de zesde staatshervorming is weliswaar het totale Vlaamse budget voor  Welzijn, Volksgezondheid en Gezin gestegen, maar zijn de Vlaamse uitgaven voor dit beleidsdomein in Brussel niet meegestegen, waardoor het Brussels aandeel in het totale budget sterk daalt. “Het is dus voorlopig niet mogelijk om de Brusselnorm op een afdoende wijze te meten in dit beleidsdomein. Desondanks moet het Brussels beleid van Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V) toch beter”, kaart Vanlouwe aan. “Zowel Brussel als de Vlaamse Rand kampen hier al jaren met een significante achterstand. In 2015 werd wel een deel van die achterstand ingehaald, maar toch moet de minister de komende jaren nog een serieus tandje bijsteken.”

Vlaanderen haalde in 2015 dus op de meeste domeinen de Brusselnorm en in absolute cijfers gingen bijna alle domeinen er bovendien fors op vooruit. “De trend waarbij de Vlaamse Regering steeds meer investeert in Brussel, werd ook in 2015 doorgezet. Die lijn zal ook de volgende jaren worden aangehouden. Vlaanderen en Brussel kunnen niet zonder elkaar en daarom investeert Vlaanderen elk jaar fors in Brussel, in 2015 zelfs meer dan ooit tevoren zoals blijkt uit de cijfers.” besluit Vanlouwe.