Vlaams Parlement keurt vanavond taalscreening bij kleuters goed

Het Vlaams Parlement grijpt de verlaging van de leerplicht aan om maatregelen te nemen die moeten verhinderen dat kinderen met een taalachterstand beginnen aan de lagere school. Vanaf schooljaar 2021-2022 zal er in de derde kleuterklas een taalscreening afgenomen worden. Kleuters met een taalachterstand kunnen dan in de rest van het jaar nog bijgewerkt worden. Blijkt de achterstand op het einde van de kleuterklas alsnog te groot, dan kan de klassenraad adviseren om nog niet over te stappen naar de lagere school. Als ouders dat advies naast zich neerleggen, dan moet het kind in het eerste leerjaar een taalintegratietraject doorlopen. In beginsel gaat het dan om een taalbadklas, die ook voltijds kan zijn. Dat staat allemaal in een belangrijk Onderwijsdecreet dat het Vlaams Parlement vanavond goedkeurt. “Kennis van het Nederlands wordt nu echt een belangrijk criterium bij de start van het lager onderwijs”, zegt Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts. “Want wie een taalachterstand heeft, loopt vaak ook achterstand op in andere vakken. Ongelijk aan de start is ook ongelijk aan de eindmeet.”

1 op 4 kleuters spreekt thuis geen Nederlands. Amper 10 jaar geleden was dat nog ‘maar’ 16 procent. Ook algemeen daalt de kennis van het Nederlands in ons onderwijs. Niet toevallig illustreert het internationale PISA-onderzoek dat ook onze globale onderwijskwaliteit daalt. “De kwaliteit van ons onderwijs begint bij het Nederlands”, zegt Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts. “Kennis van het Nederlands is de sleutel tot álle andere kennis.”

Het Vlaams Parlement geeft vanavond groen licht voor Onderwijsdecreet XXX, met verschillende maatregelen die sterker inzetten op kennis van het Nederlands. Vanaf volgend schooljaar daalt de leerplicht van 6 jaar naar 5 jaar en vanaf schooljaar 2021-2022 zal er in de derde kleuterklas een taalscreening afgenomen worden bij alle kinderen. Kleuters met een taalachterstand kunnen dan in de rest van het schooljaar nog bijgespijkerd worden. Blijkt de achterstand op het einde van de derde kleuterklas alsnog te groot, dan kan de klassenraad adviseren om nog niet over te stappen naar de lagere school. Ouders kunnen dat advies naast zich neerleggen, maar dan moet hun kind in het eerste leerjaar wel een taalintegratietraject doorlopen. In beginsel gaat het dan om een taalbadklas, die ook voltijds kan zijn.

“Als er taalachterstand is, dan móeten we die kordaat aanpakken”, zegt Weyts. “We mogen dit niet blauw-blauw laten. Als het moet, dan krijgen deze kinderen een voltijds taalbadjaar. Je bewijst hen enkel een dienst door hen even gelijke kansen te geven als alle andere kinderen.”

Onderwijsdecreet XXX bevat nog tal van nieuwe bepalingen. Zo wordt er officieel vastgelegd dat kleuters vanaf 5 jaar 290 halve dagen verplicht op school moeten zijn om te voldoen aan de verlaagde leerplicht. Er is ook gekeken naar de andere onderwijsniveaus. Zo moeten de scholen van het secundair onderwijs voortaan in al hun communicatie de officiële benamingen van opleidingen, structuuronderdelen, vakken en modules gebruiken, zodat het aanbod voor leerlingen en ouders veel transparanter wordt. In het hoger onderwijs wordt het maximale percentage van anderstalige uren in een Nederlandstalige opleiding niet opgetrokken. Er lag een voorstel op tafel om het percentage anderstalige uren in de bacheloropleidingen aan onze universiteiten en hogescholen op te trekken van 18 procent naar 50 procent, maar Weyts heeft dat idee geschrapt. Het Nederlands blijft zo de dominante instructietaal in het hoger onderwijs.