Te veel onnodige keizersneden en 'knipjes'

4 januari 2019, over deze onderwerpen: Welzijn, Ziekenhuizen

Steeds meer vrouwen bevallen via keizersnede, zonder dat dat medisch gezien strikt noodzakelijk is. Het aandeel verantwoorde keizersneden ligt volgens de Wereld Gezondheidsorganisatie tussen de 10 en 15 procent. In dit land zitten we daar met ondertussen 21,4 procent ruim boven; een aandeel dat jaarlijks nog stijgt. Maar ook bij natuurlijke bevallingen wordt vaak tussengekomen, bijvoorbeeld voor een 'knipje' en epidurale verdoving.

In 2016 bevielen 122.057 vrouwen. Ruim één op de vijf daarvan beviel met een keizersnede. Dit aandeel steeg van 19,7 procent in 2008 naar 21,4 procent in 2016. Onnodige keizersnede wordt vaak gekozen uit praktische en esthetische overwegingen ('too posh to push'). Van de keizersneden wordt een meerderheid op voorhand ingepland (59 procent in Vlaanderen, 64 procent in Wallonië en 45 procent in Brussel). Van de bevallingen via de natuurlijke weg worden er duidelijk minder op voorhand ingepland (42 procent in Vlaanderen, 40 procent in Wallonië en 24 procent in Brussel). Minister De Block geeft toe dat de inspanningen om het aandeel keizersneden te doen dalen, tot hiertoe mislukten.

Maar ook bij natuurlijke bevallingen zien we veel medische tussenkomsten, zoals blijkt uit het aandeel 'knipjes' en epidurales. Meer dan de helft (54 procent) van de vrouwen onderging een pijnloze bevalling met epidurale analgesie – de zogenaamde 'ruggenprik'. 35,7 procent van de vrouwen kreeg een 'knipje'. De overgrote meerderheid (99 procent) van de bevallingen gebeurt nog altijd in het ziekenhuis.

“Eén van de belangrijkste parameters in dit verhaal, namelijk of een keizersnede medisch gezien aangewezen is of niet, wordt echter niet verzameld”, betreurt Van Camp. “Nog zo’n gegeven dat in de statistieken ontbreekt is de barenshouding – de positie waarin de vrouw bevalt. De meeste vrouwen bevallen liggend op de rug, terwijl onderzoek uitwijst dat natuurlijkere houdingen zoals hurkzit op of op de zij tot een vlottere bevalling kunnen leiden en het risico op een 'knipje' verkleinen”, vervolgt Van Camp.