Regering bereikt akkoord over oplossing pensioenval

23 november 2018, over deze onderwerpen: Pensioenen, Belastingen, Financiën

Meer dan tien jaar geleden ontstond er door complexe fiscale regels een zogenaamde pensioenval, waardoor een verhoging van het brutopensioen in de praktijk kon leiden tot een vermindering van het nettopensioen. Op voorstel van de minister van Financiën werd de essentie van de problematiek vorig jaar al opgelost.

Een hoger bruto-inkomen kon dus, na belastingen, niet langer leiden tot een lager netto inkomen. De minister van Financiën stelde op dat moment ook voor dat er een bijkomende maatregel genomen moest worden, zodat een verhoging van het brutopensioen ook altijd zou leiden tot een verhoging van het nettopensioen. Het is niet langer aanvaardbaar dat een hoger bruto pensioen zich niet vertaalt in een hoger nettopensioen. Dit betekent immers dat die verhoging tegen 100 procent wordt wegbelast. Hoewel er consensus bestaat over de onrechtvaardigheid van deze scheeftrekking, bestaat die zogenaamde pensioenval al meer dan tien jaar, en zijn het voornamelijk de laagste pensioenen die hiervan de dupe zijn.

Het wetsontwerp dat de minister van Financiën aan de regering heeft voorgelegd, maakt eindelijk definitief komaf met deze onrechtvaardigheid. Door de belastingvermindering op pensioenen anders te berekenen, zal een verhoging van het bruto pensioen voortaan ook altijd recht geven op een verhoging van het netto pensioen. De gewijzigde belastingvermindering komt er in essentie op neer dat in plaats van één algemene belastingvermindering te geven aan elke gepensioneerde en daarnaast ook nog eens een bijkomende belastingvermindering voor wie uitsluitend een pensioeninkomen heeft en niets anders, er nu één globale belastingvermindering wordt gegeven die vertrekt van een hoger bedrag en die wordt afgebouwd naargelang het totaal inkomen (= pensioen + andere inkomsten die progressief worden belast) stijgt.

Een bijkomend voordeel van de gewijzigde belastingberekening is dat een gepensioneerde niet langer fiscaal wordt gestraft als hij naast zijn pensioen ook nog een ander inkomen heeft, bijvoorbeeld uit een bijverdienste. Die zogenaamde activiteitsval wordt meteen ook mee opgelost. Op dit moment betaalt een gepensioneerde met een pensioen van niet meer dan ca. 15.600 euro bruto per jaar geen belasting: dat is echter alleen zo als hij geen enkel ander inkomen heeft dat samen met zijn pensioen wordt belast. Een gepensioneerde met een pensioen van 15.000 euro bruto per jaar die iets bijverdient, riskeert m.a.w. ineens wél belasting te moeten betalen omdat een belangrijk deel van zijn belastingvermindering voor pensioenen verloren gaat in de huidige regeling, en dat ongeacht het bedrag dat wordt bijverdiend: 1 euro extra bijverdienen bovenop het pensioen kon dus grote fiscale gevolgen hebben. Ook die onrechtvaardigheid wordt door de nieuwe berekening van de belastingvermindering definitief weggewerkt. Wie voortaan naast zijn pensioen nog een ander inkomen geniet, zal nog altijd een belastingvermindering genieten die vertrekt van het nieuwe verhoogde bedrag.