N-VA wil aftrekbeperking voor autokosten in de inkomstenbelasting vereenvoudigen

8 november 2019, over deze onderwerpen: Ondernemen

Kamerlid Kathleen Depoorter wil de aftrekbeperking voor autokosten in de inkomstenbelasting vereenvoudigen. Het aftrekpercentage is vanaf 2020 in functie van de CO2-uitstoot van ieder voertuig afzonderlijk. “Deze wijziging is een quasi-onmogelijke administratieve verzwaring voor onze bedrijven en accountants”, aldus Depoorter.

In 2007 werd in de vennootschapsbelasting de aftrekbeperking van 75 procent voor autokosten gemoduleerd in functie van de CO2-uitstoot van de voertuigen, waarbij de auto’s werden ingedeeld in zes categorieën. Vanaf 2020 wordt de aftrek beperkt volgens de CO2-uitstoot van elk voertuig afzonderlijk, waarbij een onderscheid werd gemaakt tussen diesel-, aardgas en andere wagens.

De wijziging in 2007 werd al ervaren als een “quasi-onmogelijke administratieve verzwaring”. Want voor elke aftrekcategorie moet een aparte boekhoudrekening worden aangemaakt en moeten alle kosten in die categorieën worden onderverdeeld. Een boekhouding per wagen is helemaal onwerkbaar.

“Deze werkwijze, zorgt natuurlijk voor extra gefactureerde werkuren door de accountant. Competitiever worden onze ondernemingen er niet door. Bovendien is de controle hierop een onbegonnen zaak als men weet dat er eind 2018 meer dan 950.000 bedrijfswagens waren ingeschreven”, aldus Depoorter.

Boekhoudkundige vereenvoudiging
Met het wetsvoorstel stellen wij voor om de aftrekbeperking te berekenen op basis van het gemiddelde aantal gram CO2 per kilometer van de voertuigen uitgerust respectievelijk met een dieselmotor, een aardgasmotor en met een andere motor. Op deze wijze kan de boekhoudkundige verwerking van de kosten van een personenauto beperkt blijven tot enkele boekhoudrekeningen. Voor doorgefactureerde autokosten, gehuurde wagens of taxiritten voorzien wij terug een aftrek van 75 procent. Dan moeten zelfstandigen en ondernemingen zich geen zorgen maken over de juiste CO2-uitstoot van de wagens die aan anderen toebehoren.

“Deze al bij al beperkte wijziging sluit zoveel mogelijk aan bij de hervorming van 2017 maar betekent wel een belangrijke fiscale en boekhoudkundige vereenvoudiging bij de verwerking van deze kosten”, besluit Depoorter.