N-VA bindt strijd aan met fenomeen van “draaideurhuwelijken”

26 september 2019, over deze onderwerpen: Migratie, Asiel

N-VA-Kamerleden Yoleen Van Camp en Theo Francken willen dat er opgetreden wordt tegen alle vormen van schijnrelaties om hier verblijfsrecht te bekomen. Vandaag legt de partij daarom een wet op tafel tegen het fenomeen van “draaideurhuwelijken”. Wie als echtgenoot of partner van een in België verblijvend persoon een verblijfsvergunning voor ons land verkrijgt, kan na aankomst uit elkaar gaan en dan een nieuwe echtgenoot of partner laten overkomen. Dat is een vorm van misbruik die de N-VA met dit nieuwe wetsvoorstel wil aanpakken.

Yoleen Van Camp: “De dienst Vreemdelingenzaken stelt vast dat personen snel na aankomst uit elkaar gaan en meteen een nieuwe verbintenis aangaan, vaak louter op papier en vaak verschillende keren na elkaar, louter om gebruik te maken van dit migratiekanaal. Soms worden daartoe heuse malafide systemen opgezet, begin dit jaar nog werd een bende opgerold die zich daar mee bezig hield. Deze “draaideurhuwelijken” zijn migratiefraude in zijn meest pure vorm. We willen het fenomeen aanpakken zonder te raken aan het recht op huwelijk en gezinsleven, dat immers beschermd is door de Grondwet en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, door een extra voorwaarde in de wet te schrijven. Wie via gezinshereniging een verblijfsvergunning verkregen heeft en naar ons land gekomen is, moet eerst aantonen twee jaar legaal verblijf in ons land te hebben verbleven én aan de voorwaarden voor die gezinshereniging te hebben voldaan, vooraleer een nieuwe procedure kan worden opgestart.”

Theo Francken: “De rem van twee jaar bestond eerder al voor wie via een huwelijk met een derdelander naar ons land kwam, maar bestond nog niet voor Europeanen en Belgen. Het misbruik van de benden situeerde zich dan ook bij die groepen. Daarom breiden we die wachtperiode uit naar alle categorieën. Twee jaar is de maximumperiode die de Europese gezinsherenigingsrichtlijnen ons toelaten, die helaas ook op dit vlak te laks is. Maar door maximale vereisten te verbinden aan die wachtperiode kunnen we het fenomeen wel effectief bestrijden. De aanvrager moet immers niet alleen aantonen twee jaar legaal in ons land te hebben verbleven, maar ook dat de voorwaarden voor zijn verblijf al die tijd vervuld bleven, wat wil zeggen dat de mensen effectief samengewoond moeten hebben als echtgenoot of partner met de persoon die ze hebben vervoegd in België. De praktijk van snel scheiden na aankomst wordt zo onmogelijk gemaakt.”

In principe is het overigens zo dat een buitenlander die zich in dit land vestigt op basis van een huwelijk met een Belg, na spaaklopen van het huwelijk terug moet. In de praktijk is dat door Europese wettelijke uitzonderingen vaak niet mogelijk, bijvoorbeeld wanneer het koppel een kind kreeg, er sprake is van huiselijk geweld, het huwelijk 3 jaar standhield (waarvan 1 jaar hier), of indien het terugsturen naar het land van herkomst niet veilig is. In die gevallen kon de gescheiden buitenlander dus meteen een nieuwe bruid(egom) uit het buitenland laten overkomen, en zelfs telkens opnieuw. Met de wet van Francken en Van Camp geldt voortaan een wachttijd van 2 jaar. Bovendien willen we dat na de wachttijd van 2 jaar ook de nieuwe buitenlandse partner éérst onze taal en inburgeringscursus moeten volgen in het land van herkomst. Daar legden de Kamerleden recent ook een wetsvoorstel voor neer.