Meer transparantie ereloonsupplementen voor patiënten noodzakelijk

29 maart 2019, over deze onderwerpen: Ziekenhuizen, Artsen

Vandaag raakte bekend dat wie naar de huisarts, tandarts of specialist gaat, vaak meer moet betalen. In een jaar tijd stegen de ereloonsupplementen in privépraktijken met 15 procent. De N-VA betreurt dat minister De Block geen werk heeft gemaakt van de hervorming  van de ziekenhuisfinanciering en een betere vergoeding voor medische prestaties. De kosten van een eenpersoonskamer in ziekenhuizen blijven immers toenemen en worden onhoudbaar.

Kamerlid Yoleen Van Camp: “Wij vragen transparantie over de extra kosten die de patiënten krijgen, in de ziekenhuizen én daarbuiten. Daarnaast vragen wij dat de minister vaart zet achter de afgesproken hervorming van de ziekenhuisfinanciering én een betere vergoeding voor medische prestaties. Die zijn decennia lang scheefgegroeid, waardoor men de tekorten via supplementen bijpast. De patiënt is daar de dupe van en daar moet de overheid tegen optreden.”

Zorgverleners zoals (tand)artsen of thuisverpleegkundigen die zelfstandig (niet in loondienst) werken rekenen voor prestaties (zoals een consultatie of een bloedname) een wettelijk geregeld bedrag aan. Zorgverleners die zich “conventioneren” rekenen niet méér aan dan dat vastgelegd maximum. In ruil krijgen zij daarvoor een jaarlijkse premie. Zorgverleners die zich niet conventioneren, kunnen bovenop het vastgelegde tarief onbeperkte extra’s of supplementen vragen. Vandaag wordt niet bijgehouden wie welke extra’s vraagt en waarvoor. Wel weten we dat in Wallonië (173 procent) en Brussel (206 procent) de gemiddelde supplementen een pak hoger liggen dan in Vlaanderen (114 procent) (data mutualiteiten). Doordat er heel wat prestaties ondergefinancierd zijn, zijn heel wat zorgverleners ook gedeconventioneerd zodat ze vrij hun tarieven kunnen bepalen. Daarom vraagt de N-VA dat er dringend werk wordt gemaakt van de beloofde “herijking van de nomenclatuur” waarbij de tarieven worden herbekeken, zoals vastgelegd in het regeerakkoord.

Tweede zaak waar de minister dringend werk van moet maken is de hervorming van de ziekenhuisfinanciering. Doordat de ziekenhuizen decennia chronisch ondergefinancierd zijn, proberen zij via allerlei mechanismen het hoofd boven water te houden. Ook hier: in Wallonië en Brussel (4 op 10) staan heel wat meer ziekenhuizen in rode cijfers dan in Vlaanderen (2 op 10). Eén van die mechanismen is de afhoudingen waarbij een deel (vaak tot de helft) van de inkomsten van artsen uit prestaties aan het ziekenhuis moet worden betaald, supplementen incluis. Het is wettelijk al geregeld dat dergelijke supplementen alleen nog mogen gevraagd worden bij verblijf in éénpersoonskamers. Deze regering schafte in 2015 de supplementen in daghospitalisaties nog volledig af. Probleem is echter niet de supplementen an sich, maar wel de chronische onderfinanciering die moet aangepakt worden.

De N-VA vraagt al jaren met aandrang transparantie over de extra’s die onze patiënten worden aangerekend. Het kan niet dat patiënten honderden en duizenden euro’s uit eigen zak moeten betalen, vaak zelfs als ze een hospitalisatieverzekering hebben. We moeten als beleidsmakers weten wie welke supplementen aanrekent en waarom. Bovenal moeten we de oorzaken van excessieve supplementen aanpakken door de te lage vergoeding van zorgverleners op te trekken en te voorzien in een degelijke basisfinanciering van onze zorginstellingen.