Maak de studietoelage variabel

3 april 2019, over deze onderwerpen: Secundair onderwijs

Het Steunpunt Onderwijsonderzoek maakte vandaag onderzoek bekend over de studiekosten in het secundair onderwijs. Daarom herhaalde Vlaams volksvertegenwoordiger Koen Daniëls zijn voorstel van de voorbije jaren om de studietoelages variabel te maken, afhankelijk van de studierichting. “De huidige studietoelage is dezelfde voor alle studierichtingen. Of je Latijn-Wiskunde, slagerij of personenzorg volgt, een richting met stage of zonder stage … de studietoelage blijft hetzelfde. Dat is niet logisch.”

Momenteel bestaat de ‘maximumfactuur’ in het basisonderwijs: een school mag niet boven een bepaald bedrag aanrekenen bij de ouders voor activiteiten tijdens de schooltijd en materialen die niet strikt noodzakelijk zijn voor de eindtermen en ontwikkelingsdoelen. Sommigen willen die maximumfactuur ook in het secundair onderwijs.

Koen Daniëls gelooft niet in een maximumfactuur in het secundair onderwijs, onder meer omdat door de diversiteit aan richtingen en nodige studiematerialen en gereedschap dat quasi onmogelijk is. Daarenboven zijn er ook verschillen tussen scholen. “Een school in Antwerpen kan te voet naar het MAS terwijl een school uit het Waasland een bus moet inleggen. Studierichtingen verschillen ook inzake kosten. Eén maximumfactuur vastgelegd in Brussel die geldt voor alle studierichtingen in alle jaren in alle scholen van Brugge tot Hasselt is dus niet wenselijk. We vragen scholen om zelf actief aan kostenbeheersing te doen, aan het begin van het jaar een kostenraming mee te geven en in dialoog te treden met ouders met betalingsmoeilijkheden.”

Variabele studietoelage
Daniëls herhaalt zijn voorstel dat hij al sinds 2016 bepleit: maak de studietoelage variabel. “De huidige studietoelage is dezelfde voor alle studierichtingen. “Of je Latijn-Wiskunde of slagerij of personenzorg volgt, een richting met stage of zonder stage … de studietoelage blijft hetzelfde. Dat is niet logisch. Ik pleit reeds lang voor een studietoelage die varieert per studierichting. Zo werken we op maat en is de kostprijs van een richting geen drempel meer wanneer leerlingen een keuze maken. Dat is de meest efficiënte manier om ook op basis van de reële kost van een studierichting ouders en leerlingen die er nood aan hebben een duwtje in de rug te geven. De kosten in een technische richting zijn immers anders dan in een algemene richting. Dat de minister van Onderwijs mijn voorstel nu steunt kan ik alleen maar toejuichen.”