Europa wil meer rechten voor treinreizigers

15 november 2018, over deze onderwerpen: Europees beleid, Mobiliteit, NMBS, Personen met een beperking

Treinreizigers verdienen een betere dienstverlening en meer compensatie bij vertragingen. Dat staat te lezen in een rapport dat het Europees Parlement vandaag goedkeurde. Voor Europees Parlementslid Mark Demesmaeker is dit een stap in de goede richting: “De liberalisering van de spoorwegen komt dichterbij. Hun dienstverlening zal aanzienlijk moeten verbeteren als ze de concurrentie willen aangaan met nieuwe spelers. Dit rapport is aanbevolen lectuur voor de spoorwegbazen.”

De Europese spoorwegmarkt blijft op veel vlakken een lappendeken van verschillende bepalingen rond dienstverlening en consumentenbescherming. Dit rapport geeft een aanzet tot verregaandere afspraken op Europees niveau. Zo zullen treinreizigers binnen de Europese Unie kunnen genieten van een betere dienstverlening en een groter comfort.

Niet zo lang geleden kondigde de NMBS aan dat reizigers tijdens de spitsuren geen fietsen meer mochten meenemen in de trein. De storm van kritiek was toen niet min en terecht. Het rapport besteedt hier aandacht aan. “De N-VA heeft al meermaals het belang van combimobiliteit onderstreept. Daarom ben ik blij dat expliciet de nadruk wordt gelegd op het recht om je fiets mee te nemen in de trein, onafhankelijk van het tijdstip. Deze flexibiliteit is erg belangrijk om mensen te motiveren om voor het openbaar vervoer te kiezen”, reageert Demesmaeker.

Anneleen Van Bossuyt, voorzitter van de commissie Consumentenbescherming in het Europees Parlement, ziet ook heel wat positieve elementen in het rapport: “Zeggen dat de dienstverlening op het spoor veel beter kan, is een open deur intrappen. Nog te vaak krijgen treinreizigers in de Europese Unie te maken met vertragingen, annuleringen en onvolledige informatie. Zo vertoonde de stiptheid bij de NMBS de afgelopen 12 maanden een duidelijke neerwaartse tendens. Dit rapport is alvast een goede aanzet. Ik onthoud vooral de verhoogde compensaties bij vertragingen, een sterkere ombudsdienst en een betere bescherming bij reizen uitgevoerd door verschillende maatschappijen.”

Europarlementslid Helga Stevens heeft vooral aandacht voor de verbetering van de toegankelijkheid voor mensen met een beperking. Ook zij ziet positieve zaken, maar ook enkele tekortkomingen. “Met bijvoorbeeld de automatische assistentie in de grotere stations, legt het Europees Parlement een aantal goede accenten. Toch blijft bijkomende aandacht voor mensen met een beperking nodig, zoals in het voorzien van andere transportmiddelen bij ernstige verstoringen. Daarnaast blijft het ook onduidelijk hoe de precieze opleiding voor begeleiders van mensen met een beperking er moet uitzien.”

Het Europees Parlement maakt zich nu op voor de verdere onderhandelingen met de Raad over dit dossier.