De N-VA verwelkomt Europese industriële, kmo- en internemarktstrategie, maar vraagt focus en concrete actie

10 maart 2020, over deze onderwerpen: Europees beleid

Vandaag stelde de Europese Commissie een nieuwe industriële strategie voor. De N-VA verwelkomt die industriële, kmo- en internemarktstrategie, maar vraagt focus en concrete actie. “Ik verwelkom de ambitie van de Europese Commissie om een nieuwe industriële en kmo-strategie te ontplooien en om hinderpalen die het volle potentieel van de interne markt belemmeren weg te nemen”, aldus N-VA-delegatieleider Geert Bourgeois. “De opsomming en de doelstellingen ogen mooi, maar nu komt het er op aan snel concrete maatregelen te nemen en tastbare resultaten te boeken.”

De N-VA kijkt voor die concrete actie voornamelijk naar de volgende prioriteiten:

EU die beschermt
In de wereldwijde competitie moet de EU zich assertief opstellen tegenover landen zoals China en wederkerigheid afdwingen, investeringen en producten met behulp van illegale staatssteun weren, en een einde maken aan de gedwongen overdracht door onze bedrijven van onze technologie.

Verdieping interne markt
De Commissie moet prioriteit geven aan de verdieping van de interne markt: een digitale, transport- en energiemarkt. Een actieplan om een kapitaalmarkt te realiseren, klinkt mooi, maar er is vooral dringend wetgevend werk nodig. Onze kmo's zijn fel benadeeld door het ontbreken van een interne kapitaalmarkt. De N-VA wil ook dat het feitelijke protectionisme binnen de EU aangepakt wordt. In meer en meer landen wordt geëist dat producten die in de handel worden aangeboden in dat land zelf geproduceerd werden. Als dat zo door gaat leidt dit tot ondergraving van een van de grootste realisaties van de EU, namelijk de interne markt.

Mededinging
In de evaluatie van het mededingingsbeleid moet het aspect van Europese kampioenen die wereldwijd in competitie moeten treden, mee opgenomen worden.

N-VA wil een vergunningentraject voor grensoverschrijdende infrastructuur
Vandaag is het mogelijk dat een grensoverschrijdend project vergund wordt in het ene land, maar op een 'njet' botst in het aangrenzende land. De EU moet het mogelijk maken dat slechts één vergunningentraject (openbaar onderzoek, maatschappelijke kostenbaten analyse tot en met een beroepsprocedure) volstaat voor grensoverschrijdende projecten.