Brusselse regering gaat duidelijk haar boekje te buiten met de schoolcontracten

16 januari 2020, over deze onderwerpen: Schoolinfrastructuur, Onderwijs in Brussel

Vandaag werd er in het Vlaams Parlement een debat gehouden over de procedure van de Vlaamse regering tegen de Brusselse schoolcontracten. Die schoolcontracten zijn een samenwerking tussen het Brusselse Gewest en de school om buurtbewoners de kans te bieden de schoolinfrastructuur ook buiten de schooluren te gebruiken. Dat is volgens de Vlaamse regering en onze partij een bevoegdheidsoverschrijding van dat Brusselse Gewest. Onderwijs in al zijn facetten is een Vlaamse bevoegdheid.

Vlaams Parlementslid Annabel Tavernier en Brussels Parlementslid Gilles Verstraeten reageren op de hetze: “De N-VA is er voor alle duidelijkheid sterke voorstander van om schoolinfrastructuur na de schooluren open te stellen voor activiteiten van verenigingen en buurtbewoners.” Maar de Brusselse gewestregering gaat met deze schoolcontracten duidelijk haar boekje te buiten en overschrijdt de eigen bevoegdheden.

De beide parlementsleden zijn niet opgezet met de hetze, en vinden dat het volledige verhaal niet wordt verteld: “Ik volgde de stemming van deze ordonnantie op vorig jaar. Ik heb nog nooit een advies van de Raad van State Een bijzonder adviesorgaan en administratief rechtscollege, opgericht in 1946. Zijn belangrijkste bevoegdheid is het schorsen en vernietigen van administratieve rechtshandelingen die strijdig zijn met de geldende rechtsregels. Als hoogste administratief rechtscollege zijn zijn uitspraken bindend. De Raad is ook cassatierechter voor beroepen tegen de uitspraken van de lagere administratieve rechtscolleges. Daarnaast geeft de Raad van State advies op wetgevend en reglementair gebied. Raad van State gelezen waar zo vlammend duidelijk gesteld wordt dat een overheid haar bevoegdheden te buiten gaat en ongrondwettelijk te werk gaat als in deze kwestie, niet alleen op het vlak van onderwijs, maar ook cultuur en sport”, zegt Gilles Verstraeten.

“In plaats van samen te werken om zo tot een betere schoolomgeving te komen, koos het Brussels gewest er voor om éénzijdig te werk te gaan en alle regels aan haar laars te lappen. Hadden ze de Vlaamse Gemeenschap op voorhand betrokken bij hun plannen om scholen te versterken, dan hadden ze een luisterend oor gevonden en waren de scholen vandaag niet de klos.” Het is de Raad van State die als eerste stelde dat er een probleem is, niet de Vlaamse Regering. “Wie zijn gat verbrandt, moet op de blaren zitten”, vervolgt Verstraeten.

“Wij volgen dan ook gewoon het advies van de Raad van State”, voegt Tavernier toe. “De Brusselse regering had na dit duidelijke alarmsignaal zélf het initiatief moeten nemen om overleg te plegen met de Vlaamse Regering in het Overlegcomité. De wet verplicht dat zelfs, maar de Brusselse Regering deed ook dat niet.”

Gilles Verstraeten vindt de aanvallen van sp.a en Groen ook onterecht: “Men zegt dat het Gewest hier haar verantwoordelijkheid neemt omdat de Gemeenschappen dat niet doen. Dat is manifest onwaar! De VGC en de Vlaamse Gemeenschap stellen al jarenlang schoolinfrastructuur open via het beleid rond Brede Scholen. De Vlaamse regering geeft hier al sinds 2012 jaarlijks 750.000 euro aan werkingskosten voor uit, en investeert daar nog bovenop.” Voor Verstraeten ligt het probleem aan de Franstalige kant: “Als de COCOF en de Franse Gemeenschap dat voorbeeld willen volgen: prima, goed idee, graag zelfs! Maar het Gewest zelf is stomweg niet bevoegd.”

De beide parlementsleden kunnen dan ook niet aanvaarden dat de bevoegdheidsverdeling en de Grondwet niet gerespecteerd worden. Voor Annabel Tavernier is dit mogelijk een gevaarlijk precedent dat de Vlaamse Regering niet kan aanvaarden: “Anders is in de toekomst het hek helemaal van de dam en holt het Gewest de Vlaamse bevoegdheden simpelweg uit.”

Voor Verstraeten is het gewoon een kwestie van respect: “De Brusselse parlementsleden en de Brusselse regering hebben allemaal gezworen de Grondwet na te leven bij hun eedaflegging. Dat ze de dan ook daad bij woord voegen. Anders mag iedere overheid zomaar doen wat ze willen en komen we in een institutionele chaos terecht”, vindt hij.