Brussel lijkt er alles aan te doen om een sluitend migratiebeleid te doen falen en mee de illegaliteit te organiseren

26 februari 2020, over deze onderwerpen: Migratie, Asiel, Wonen en werken in Brussel

In de reportage van Bruzz wijzen zowel minister-president Vervoort (PS), Schaarbeeks burgemeester Jodogne (Défi) alsook mijnheer Kassou van het Burgerplatform voor steun aan vluchtelingen met de vinger naar de federale overheid, die volgens hen verantwoordelijk is voor de opvang van transmigranten. Dat klopt niet en op zijn minst minister-president Vervoort zou dat moeten weten en stoppen met zand in de ogen te strooien.

Om te beginnen zijn transmigranten (of transitmigranten) mensen die op een illegale manier het land zijn binnengekomen. Ze hebben bovendien ook geen enkele intentie om hier te blijven. Indien ze wettelijk asiel aanvragen, krijgen ze van de federale overheid bed, bad en brood. Voor de opvang van (illegale) transitmigratie as such is de federale overheid dus niet verantwoordelijk.

“De federale overheid is met andere woorden niet verplicht om opvang te creëren voor transmigranten en hun illegale situatie mee verder te bestendigen. De bedoeling moet zijn om ze in de wettelijke asiel- en migratieprocedures in te schakelen, waarna ze effectief van federaal opvang krijgen”, zegt Brussels parlementslid Gilles Verstraeten.

Het Brussels Gewest houdt met de opening van een gewestelijk opvangcentrum voor transmigranten een onwettige situatie in de hand. “Het Brussels Gewest maakt de facto van Brussel een ‘hub’, een draaischijf voor transmigratie en dus voor de uitzichtloosheid en illegaliteit die daarmee gepaard gaan. Brussel lijkt er alles aan te doen om een sluitend migratiebeleid te doen falen en mee de illegaliteit te organiseren”, volgens Verstraeten.

De Brusselse politiek is wél bevoegd voor de politie, die moet controleren of bevelen om het grondgebied te verlaten door transmigranten nageleefd worden. “Als de politie in Brussel niet controleert, kan de federale overheid onmogelijk een correct uitwijzingsbeleid voeren. Ik vind het dan ook bijzonder cynisch dat men eerst deze situatie laat ontstaan en ontsporen, ze dan met een opvangcentrum verder faciliteert, en daarna naar de federale overheid wijst”, besluit Verstraeten.