Nood aan meer Nederlandstalige rechters in Brussel

Rechter aan het werk

Ondernemingen die morgen een geschil starten voor de Brusselse Nederlandstalige ondernemingsrechtbank, zullen hun zaak pas ten vroegste over twee jaar behandeld zien. Dat is het gevolg van een ernstig tekort aan magistraten. Kamerlid Kristien Van Vaerenbergh vindt dat Justitieminister Geens dat tekort moet aanpakken, zodat de rechtsgang voor Nederlandstaligen kan worden verzekerd.

Ten tijde van de zesde staatshervorming en de splitsing van het gerechtelijk arrondissement BHV werd in allerijl een werklastmeting uitgevoerd om de personeelsbehoeften bij de Brusselse rechtbanken te berekenen. Volgens die meting was er bij de Brusselse Nederlandstalige ondernemingsrechtbank behoefte aan zestien rechters. “Maar de Vlaamse partijen die over de splitsing van het gerechtelijk arrondissement onderhandelden, hebben zich laten rollen, waardoor er slechts elf in plaats van zestien rechters werden toegewezen”, herinnert Kamerlid en justitiespecialiste Kristien Van Vaerenbergh zich. “En in de praktijk is de situatie nog erger: momenteel zijn er maar zeven rechters ter beschikking en binnenkort maar zes.”

Kerntaak van de overheid

“Het is ongehoord dat een rechtstaat niet kan voorzien in een redelijke termijn. Het lijkt wel of er sprake is van minimale dienstverlening. Dit kan niet: justitie is een kerntaak van de overheid en de toegang tot de rechter is in gevaar”, zegt Van Vaerenbergh.

Engelstalige ondernemingsrechtbank niet prioritair

Hoewel Justitie nu nog niet kan voorzien in een vlotte behandeling van de gewone rechtszaken, wil minister Geens een Engelstalige ondernemingsrechtbank voor internationale geschillen oprichten. Als het van de N-VA afhangt, komt die er niet. “We rekenen op het gezond verstand van de andere partijen om dit project on hold te zetten en prioriteit te geven aan de bestaande rechtbanken”, besluit Van Vaerenbergh.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is