Noem de pandemiewet een volmachtenwet

Door Peter De Roover op 3 mei 2021, over deze onderwerpen: Politiek, Democratie
Peter De Roover

“Noem de pandemiewet een volmachtenwet want dat is het ook”, stelt Kamerfractievoorzitter Peter De Roover op demorgen.be.

Maandenlang waarschuwden we de regering dat ze de coronamaatregelen doorvoert op wankele juridische basis. Vorige week beoordeelde een Brusselse rechtbank de sluiting van restaurants als onwettig, enkele weken nadat de Mensenrechtenliga van een andere rechter gelijk kreeg tegen de regering. Uitspraken in beroep volgen, maar onze waarschuwingen waren geen 'oppositiegeneuzel'.

Een pandemiewet moet remediëren. Na maanden getreuzel en nadat wij een eigen voorstel indienden, kwam de regering met een voorontwerp. Hoorzittingen en de Raad van State Een bijzonder adviesorgaan en administratief rechtscollege, opgericht in 1946. Zijn belangrijkste bevoegdheid is het schorsen en vernietigen van administratieve rechtshandelingen die strijdig zijn met de geldende rechtsregels. Als hoogste administratief rechtscollege zijn zijn uitspraken bindend. De Raad is ook cassatierechter voor beroepen tegen de uitspraken van de lagere administratieve rechtscolleges. Daarnaast geeft de Raad van State advies op wetgevend en reglementair gebied. Raad van State wezen op tal van wezenlijke juridische mankementen in een gênant amateuristische tekst, nochtans al een keer afgeklopt door de regering.

Omdat de regering nu zelf beseft dat ze vrijheden al te vrijpostig heeft beknot, moet er plots haast gemaakt worden, want de dreiging van vonnissen die vallen als dominosteentjes, is intussen zeer reëel.

De nieuwe tekst werd op basis van het advies van de Raad van State herwerkt. Een aantal manifeste juridische ongerijmdheden verdwenen, wat doet spreken over 'verbetering'. Het voorontwerp kennende, klinkt dat als een grotere prestatie dan het is.

Problematisch blijft het alleszins. De juridische kwestie of het ontwerp voldoende gedetailleerd omschrijft welke vrijheidsbeperkende maatregelen de regering mag nemen bij een pandemie, verdeelt juristen. Dan lijkt het aangewezen om voort te gaan op de stelling dat de regering te veel vrijheid krijgt om het parlement te negeren, want in die interpretatie blijft de tekst ongrondwettig.

Het tweede probleem is politiek. Betrekken we bij een pandemie het parlement over het beperken van grondrechten of niet? Juridisch kan dat overgelaten worden aan de regering. Volmachten verlenen noemen we dat, wat deze pandemiewet de facto ook doet. Het is een volmachtenwet maar dan één die nu al klaargemaakt wordt voor nog onbekende situaties in de (verre) toekomst. De andere optie, die in ons wetsvoorstel wordt verkozen, houdt het parlement in principe volwaardig aan zet om te beslissen over zaken als de sluiting van winkels, de beperking van het recht mensen thuis te ontvangen, het verbod zich na een bepaald uur op straat te begeven. Kortom dé vrijheden die een democratische rechtsstaat typeren.

We schrijven 2030 en er breekt een pandemie uit. Het parlement stelt dat op vraag van de regering vast (kan moeilijk anders als dat ook zo is) en de regering (welke dan aan de macht zal zijn) beslist dat niemand de woning mag verlaten vanaf 18 uur en dat men geen familiel of vrienden thuis mag ontvangen. Goede maatregelen? Terecht of overdreven? De regering zal desgevraagd antwoorden: "Daarover hebben ze het in 2021 al gehad, dus die vraag is niet meer aan de orde in het parlement".

Wij menen dat het nu toch echt iets te vroeg is om het parlement dat licht nu al op groen te laten zetten.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is