Nieuwe woonvormen krijgen wettelijk kader

Door Jelle Engelbosch op 15 juli 2015, over deze onderwerpen: Een huis kopen, Huren
Nieuwe woonvormen krijgen wettelijk kader

In het Vlaams Parlement is een resolutie van de meerderheidspartijen N-VA, Open Vld en CD&V goedgekeurd die nieuwe woonvormen mogelijk moet maken. De focus ligt daarbij op cohousing, het opdelen van bestaande woningen en andere vormen van gemeenschappelijk wonen. “We willen woningen zeker niet eindeloos opsplitsen in kleine kamers, maar wel mensen de kans geven om op een kwaliteitsvolle manier te gaan samenwonen”, zegt Jelle Engelbosch (N-VA), een van de initiatiefnemers.

De afgelopen decennia is de samenstelling van gezinnen aanzienlijk gewijzigd, zonder dat de wetgever daar rekening mee houdt. Dat kan leiden tot lagere tegemoetkomingen, het mislopen van subsidies en contractuele risico’s. “Daarom moeten we dringend werk maken van een wettelijk kader voor al die nieuwe samenlevingsvormen”, vindt Engelbosch. En daarvoor kijkt hij naar de hele regering. “Niet alleen inzake wonen, ook inzake ruimtelijke ordening en fiscaliteit moeten we belangrijke hindernissen wegwerken.” Engelbosch ijvert voor een duidelijk stappenplan over die verschillende domeinen heen, zodat ook de minimumnormen inzake veiligheid en comfort gegarandeerd worden.

Gemeenschappelijk wonen

Bij cohousing woon je in een eigen wooneenheid, maar maak je wel gebruik van gemeenschappelijke voorzieningen zoals de keuken, de tuin of de wasfaciliteiten. “Voor heel wat jongeren is cohousing een evidente woonvorm na hun studententijd”, weet Engelbosch. “En ouderen zijn vooral geïnteresseerd vanwege het sociale contact en de vertrouwde omgeving. Als overheid moeten we dat faciliteren via een wettelijk kader dat expliciet de rechten en plichten van cohousers schetst.”

Hetzelfde geldt voor burgers die hun huizen wensen op te delen. Vlaanderen beschikt over veel grote huizen die door steeds minder mensen bewoond worden, terwijl veel alleenstaanden of jonge koppels zoeken naar een betaalbare woning. “Waarom zouden we dat bestaand patrimonium niet efficiënter gebruiken?”, besluit Engelbosch.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is