Europa in crisis: een opportuniteit?

Door Daphné Dumery op 18 november 2011, over deze onderwerpen: Financiële crisis, Financiën, Europees beleid

Tegenwoordig gaat er geen dag voorbij dat de Europese Unie niet in de hoofdpunten van het nieuws zit. De Europese Unie is in crisis en vecht voor het overleven van de eenheidmunt. Steeds meer wordt duidelijk dat het antwoord op deze crisis ligt in meer Europa en een sterkere economische en budgettaire integratie van de landen van de eurozone. Zeventien van de zevenentwintig lidstaten hebben de euro reeds ingevoerd, acht landen zullen nog volgen. Behalve Denemarken en het Verenigd Koninkrijk zijn alle lidstaten immers verplicht de euro in te voeren van zodra zij voldoen aan de voorwaarden opgelegd door het Verdrag van Maastricht.

Hoewel al jaren gepleit wordt voor een verdere economische integratie van de lidstaten van de Europese Unie is blijkbaar, opnieuw, een crisis nodig vóór de noodzakelijke maatregelen daadwerkelijk worden genomen. Enkele jaren na het ratificeren van het Verdrag van Lissabon dringt een nieuwe verdragswijziging zich op als men het voorstel van de Duitse kanselier en de Franse president wil uitvoeren.

Sommige landen, geleid door eurosceptische regeringen, grijpen dit feit aan om te pleiten voor een herziening van de Europese structuur waarbij de verworvenheden uit het verleden worden teruggeschroefd. Zo wil de Tsjechische regering een referendum over het feit of het land al dan niet moet toetreden tot de eurozone. Momenteel is Tsjechië, zoals eerder gezegd, verplicht de eenheidsmunt in te voeren maar het land wil bij een volgende verdragswijziging de mogelijkheid voorzien dat lidstaten ervoor opteren niet deel te nemen aan de euro.

In het Verenigd Koninkrijk wordt smalend gedaan over de euro. De eurosceptische opiniemakers stellen er dat de Britse economie het goed doet, net omdat het land geen lid is van de eurozone. Dat klopt niet want de Britse economie is en blijft nauw verweven met die van de eurolanden die de belangrijkste exportpartner zijn van Groot Brittannië. De eurocrisis heeft dus wel degelijk rechtstreekse gevolgen voor de Britse economie.

De Tsjechen en de Britten hanteren argumenten die pleiten voor het niet toetreden tot of voor het uittreden uit de eurozone. Zo kan onder meer een nationale munt gedevalueerd worden in tijden van crisis. Toch zijn we als economisch en monetair blok net dankzij de euro beter gewapend tegen de crisis. Precies daarom snijden de argumenten tegen de euro geen hout. De huidige eurocrisis is niet het falen van een muntunie maar een fout in de constructie van de monetaire unie die enkel kan worden weggewerkt als de economieën van de lidstaten, het economische beleid van hun respectievelijke regeringen, beter op elkaar worden afgestemd. Nu hebben we één munt die gedragen wordt door zeventien verschillende visies op economie, wat ertoe leidt dat er geen eendrachtig standpunt is en de speculanten onze muntunie, niet enkel de individuele lidstaten, in het vizier nemen.  We moeten deze crisis aangrijpen om onze muntunie te versterken en onze kracht als grootste economisch blok ter wereld mondiaal beter te kunnen uitspelen.

Het Verenigd Koninkrijk voerde onlangs de "EU act" in. Deze wet zorgt ervoor dat bij elk verdrag dat bevoegdheden van het nationale niveau overdraagt naar het Europese niveau een volksraadpleging wordt gehouden vooraleer het verdrag in het parlement al dan niet wordt goedgekeurd. Volgens sommigen, zoals onze huidige minister van buitenlandse zaken, is dit een goede zaak omdat op die manier de bevolking betrokken wordt bij de Europese Unie en de besluitvorming over de unie. Ik stel me echter de vraag of de minister nog steeds zo positief zal zijn als zal blijken dat de Britten, opgejut door hun eurosceptische tabloids, massaal "NO" zullen stemmen bij een volgende verdragswijziging. De EU act, die meer democratie zou moeten brengen, is op die manier een schaamlapje waarachter Britse politici zich zullen kunnen verbergen omdat ze niet de moed hebben de maatregelen te nemen die nodig zijn. Volksvertegenwoordigers, of het nu Vlaamse, Britse of Letse zijn, zijn immers verkozen om namens het volk beslissingen te nemen. Ook als die beslissingen moeilijk of onpopulair zijn. Door het invoeren van referenda zoals die ingeschreven in de EU act ontlopen ze hun verantwoordelijkheid om de taak uit te voeren waarvoor ze zijn verkozen.

Als parlementslid van een pro-Europese partij sta ik nogal sceptisch tegenover een verdere uitbreiding van de Europese Unie zonder eerst een verdere uitdieping van de Unie te bewerkstelligen. De Europese Unie biedt enorme schaalvoordelen en is het beste wapen tegen oorlogen op ons continent. Toch moet een verdere integratie worden doorgevoerd. De regels die golden toen we nog een unie van zes of twaalf lidstaten waren zijn achterhaald. Het Verdrag van Lissabon was een eerste stap, maar het integratieproces mag niet stilvallen of zich beperken tot een louter economische samenwerking. We moeten evolueren naar een echte politieke unie waar Vlaanderen een integraal deel van uitmaakt als deelstaat van België en later als volwaardige lidstaat. Een federaal Europa dat zelf haar richting bepaalt en niet gestuurd wordt vanuit Parijs of Berlijn. Laat ons deze crisis aangrijpen om Europa grondig te hervormen en uit te bouwen tot een moderne, geïntegreerde unie van de eenentwintigste eeuw.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is