Verkiezingen 2010

Federale verkiezingen 2010: N-VA is de grootste, Bart De Wever de populairste

De federale verkiezingen van zondag 13 juni 2010 zorgen voor een politieke aardverschuiving: de N-VA wordt de absolute nummer één, zowel in Kamer als Senaat. En met 785.776 voorkeurstemmen is Bart De Wever als lijsttrekker voor de Senaat ook veruit de populairste politicus van het land.

In de Kamer behaalt de N-VA 17,4 procent van de stemmen (28,2 procent in Vlaanderen). De partij zet daarmee in haar eentje een bijna even goed resultaat neer als toen ze in 2007 nog in kartel met CD&V naar de kiezer trok. Met 27 van de 92 Vlaamse zetels in het federaal parlement, een stijging met liefst 20 zetels, is de N-VA meteen ook de grootste partij van het land. En dat terwijl Geert Bourgeois in 2003 nog de enige N-VA-verkozene was!

In de Senaat klokt de N-VA af op 19,61 procent (31,69 procent in Vlaanderen). De partij doet het er op haar eentje zelfs iets beter dan het kartel in 2007. Dat levert 9 zetels op voor de rechtstreeks verkozen N-VA-senatoren, of 7 meer dan bij de vorige Senaatsverkiezing. Met 2 gecoöpteerde en 3 Gemeenschapssenatoren erbij levert dat in totaal 14 Senaatszetels op.

Nu durven veranderen

‘Nu durven veranderen’ luidt de slogan waarmee de N-VA in 2010 naar de kiezer trekt. Met succes, gezien de monsterscore van de partij. In zijn overwinningstoespraak verwijst N-VA-voorzitter Bart De Wever meer dan eens naar diezelfde slogan: “De Vlamingen hebben gekozen voor verandering.” En: “Niet veranderen is gelijk aan samen achteruitboeren. Durven veranderen is samen vooruitgaan.” Traditiegetrouw voegt hij er ook een Latijnse spreuk aan toe: “N-VA staat deze avond voor ‘Nil Volentibus Arduum’: voor zij die willen, is niets onmogelijk.”

De N-VA pleitte in haar verkiezingsprogramma voor 2010 al voor Confederalisme Willen we iets structureel veranderen, dan moeten we de structuren veranderen. Confederalisme is de structurele verandering die dit land nodig heeft. Confederalisme heeft als uitgangspunt dat Vlaanderen en Wallonië eigenaar zijn van alle bevoegdheden. Ze oefenen die zelf uit maar kunnen ook samen beslissen om sommige bevoegdheden samen te beheren op het confederale niveau, in hun beider belang. Zo wordt de logica volledig omgedraaid. In plaats van bevoegdheden over te dragen van het federale niveau naar Vlaanderen en Wallonië, kunnen bevoegdheden worden overgedragen naar het confederale niveau. Gedwongen samenwerking wordt vervangen door vrijwillige samenwerking. Moeten wordt willen. Afbreken van bovenaf wordt opbouwen van onderuit. Confederalisme is dus samen beslissen wat we samen willen doen.Hoe de N-VA het confederalisme concreet vorm wil geven, leest u in de definitieve tekst van het VVV-congres. confederalisme. Dat veronderstelt een maximale overheveling van bevoegdheden naar de deelstaten en een fundamentele herziening van de Financieringswet De Belgische financieringswet – officieel de bijzondere wet van 16 januari 1989 – bepaalt hoe het geld in België wordt verdeeld tussen de federale staat en de gewesten en gemeenschappen. De regering-Di Rupo, aangevuld met Groen en Ecolo, heeft die wet aangepast op basis van een politiek akkoord in de zomer van 2013. Dat gebeurde zonder overleg met de regio’s. De herziening maakt de geldstromen gekoppeld aan de bevoegdheidsoverdrachten minder welvaartvast. Aan de regio’s worden daarbovenop zeer zware inspanningen opgelegd om het gat in de federale begroting te helpen dichten. financieringswet.

De N-VA wil de deelstaten zoveel mogelijk zelf verantwoordelijk maken voor het beleid dat ze voeren. Zo worden ze beloond voor een goed beleid. En bestraft voor een slecht.

De federale verkiezingen van 2010 kwamen er nadat Alexander De Croo, toen voorzitter van Open Vld, de spreekwoordelijke stekker uit de regering-Leterme II had getrokken. De officiële aanleiding daarvoor was het uitblijven van een oplossing voor het grondwettelijk probleem rond de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde (BHV).