Startpagina
 

E-mail E-mail   Print Print   Share/Save/Bookmark
Van Rompuy: beter president dan premier      (12/11/09)

Het zal menig lezer wellicht een beetje verrassen, maar wij zouden het als N-VA een goede zaak vinden als Herman Van Rompuy straks voorzitter van de Europese Raad zou worden. Sommige oppositiepartijen reageerden de voorbije dagen nogal negatief en venijnig op de mogelijke promotie van Van Rompuy, wellicht vanuit hun eigen binnenlandse agenda. Intellectueel lijkt ons dat niet echt eerlijk. De vraag die we ons allen zouden moeten stellen, is: “Zou Van Rompuy voor de EU een goede voorzitter van de Europese Raad zijn?”. De N-VA denkt van wel.

In ons Europees programma voor de voorbije verkiezingen stond duidelijk dat de N-VA een sterke EU wil. Onze toekomst ligt immers in Vlaanderen en Europa, steeds minder in België. Daarom willen wij een sterke figuur aan het hoofd van de Europese Commissie, want die verdedigt de Europese belangen. Of Barroso de juiste man is voor deze functie, daar bestaat nog veel twijfel over, maar hij heeft intussen een tweede kans gekregen, het is aan hem om ze te grijpen. De Europese Raad daarentegen verdedigt vooral de belangen van de individuele lidstaten en de facto voornamelijk van die van de grote lidstaten. Voor ons dus liever geen grote naam als Tony Blair aan het hoofd van de Raad, want die zou veel te veel macht naar de Raad en dus de grote lidstaten toetrekken, ten koste van de Commissie en het algemeen Europees belang. Voor ons moet de voorzitter van de Raad niet de alles bepalende figuur zijn, niet de zogenaamde sterke man, geen Obama op zijn Europees. Herman Van Rompuy lijkt ons het ideale profiel te hebben voor deze functie. Hij is wijs en bekwaam, maar wel “low profile” en dat is niet eens smalend bedoeld: hij is gewoon meer gericht op het behoud van het status quo dan op het in gang zetten van grote hervormingen. Als voorzitter van de Raad is hij met die ‘vaardigheden’ wellicht ook de juiste man op de juiste plaats. Als Belgisch premier echter niet.

Wij zijn niet te beroerd om Van Rompuy de lof toe te bedelen die hij verdient. Maar als premier is hij voor dit land absoluut niet geschikt, althans niet als je vooruit wil. Dit land heeft immers al jaren een acute behoefte aan grondige hervormingen. Zowel financieel als institutioneel moet er dringend orde op zaken gesteld worden. Daarvoor heb je echter hervormers nodig, mensen die hun nek durven uit te steken. En dat heeft Van Rompuy het voorbije jaar als premier veel te weinig gedaan. Zijn “rustige vastheid” verbergt immobilisme en roestige vadsigheid. Het is dan ook niet verbazend dat uitgerekend zij die zich al jaren verzetten tegen die broodnodige hervormingen, hem zo graag in het zadel zouden willen houden. Er werd een begroting door het parlement gesleurd die nauwelijks iets van besparingen en hervormingen in zich droeg, de staatshervorming was niet meer nodig, de toepassing van de grondwet (BHV) was iets om over te onderhandelen. En een asielregeling die neerkomt op een collectieve regularisatie, werd ook nog eens tegen de zin van de Vlamingen doorgedrukt. Dat was een droom voor het Belgische establishment, dat een minderheidspositie van Vlamingen in deze regering niet erg vindt. Kortom, een goede premier voor wie het status quo wil betonneren, maar een slechte premier voor wie verandering wil en onze toekomstige welvaart en welzijn wil verzekeren.

Komen we bij de vraag wie hem als premier zou moeten opvolgen, de enige vraag die iedereen bezig blijkt te houden. Voor ons is niet zozeer de vraag wíe dat moet worden, maar wel wat er staat te gebeuren. Is iedereen intussen vergeten dat de kiezers in 2007 voor grondige hervormingen gekozen hebben? Zowel financieel als institutioneel moest er orde op zaken gesteld worden in dit land. Dát moet de essentie zijn en niet de naam van wie premier wordt. Maar als niemand daartoe in staat of bereid blijkt te zijn, of als niemand daartoe het mandaat van de regeringspartijen krijgt, dan moeten er maar nieuwe verkiezingen gehouden worden. Een voortzetting van de roestige vadsigheid heeft immers geen enkele zin. Dat Le Soir bovendien meent zelf te mogen bepalen wie er premier mag worden en wie niet, bewijst nogmaals dat men het aan Franstalige kant vaak erg moeilijk heeft met democratie, zoals blijkt in het BHV-dossier en tal van andere communautaire twistpunten. Kortom, ofwel stelt men iemand aan die eindelijk de Copernicaanse omwenteling in gang zet die de Vlaamse kiezer gevraagd heeft, ofwel organiseert men nieuwe verkiezingen.
Auteur:
Frieda Brepoels
Europees parlementslid N-VA

U wil reageren:
E-post: frieda.brepoels@n-va.be