Startpagina
 

E-mail E-mail   Print Print   Share/Save/Bookmark
De genadige koning      (09/04/09)

Er is geen enkele goede reden om strafverminderingen te laten uitspreken door het staatshoofd. Dat is je reinste willekeur, er moet niets gemotiveerd worden, je weet nauwelijks over wie of wat het gaat. Kortom er is geen enkele transparantie. Op mijn parlementaire vraag kreeg ik wel algemene cijfers van de minister van Justitie, maar ik vernam ook niet meer dan dat. Het is duidelijk: deze middeleeuwse vorm van rechtspleging moet verdwijnen.

Het is zonder meer verrassend uit de mond van de minister van Justitie te moeten vernemen dat het genadesysteem volgens hem “aansluit bij een coherente strafuitvoeringspolitiek, waarin de sanctie maximaal aan de toestand van de veroordeelde is aangepast ten einde het risico op recidive te verminderen”.

Een coherente strafuitvoering? Coherent betekent in het Nederlands “samenhangend”. Als je de koninklijke genade nodig hebt om de strafuitvoering samenhangend te maken, dan is het erg gesteld met ons rechtsbestel. Dat doet denken aan landen met enge regimes, waar je eerst tot draconische straffen kunt worden veroordeeld om later weer te mogen genieten van plotse genademaatregelen, waarmee een of andere “grand chef” zijn menselijk gezicht kan laten zien. Zo mag dat in een beschaafd land toch niet werken.

Controle: nihil

Wat weten we nu na het antwoord van justitieminister Stefaan De Clerck? Dat koning Albert de voorbije vier jaar 6.241 genadeverzoeken heeft gekregen en dat hij er in 17,5 procent van de gevallen ook is op ingegaan. Het aantal aanvragen daalt, maar dat zou men ook kunnen toeschrijven aan het feit dat korte celstraffen toch al niet meer worden uitgevoerd.

Ik wilde ook weten hoeveel genadeverzoeken er waren voor gevangenisstraffen (en voor welke termijnen), hoeveel voor boetes (en voor welke bedragen), hoeveel voor vervallen rijbewijzen en voor verbeurdverklaringen. De minister beschikt echter niet over statistische gegevens om die opdeling te maken. We weten dus niet waarover het allemaal gaat. Hoe kun je er dan controle over uitoefenen?

Het is natuurlijk helemaal niet de bedoeling dat er enige controle bestaat. Het genaderecht is immers een koninklijk voorrecht, waarover de vorst kan beschikken volgens artikel 110 van de Belgische grondwet. De koning heeft het recht de door de rechters uitgesproken straffen kwijt te schelden of te verminderen. Hij moet niets motiveren of verantwoorden. De willekeur is dus totaal. Dit paste in het ‘Ancien Régime’.

Collectief

Het kan nog veel erger. De vraag in de Kamer ging over individuele genadeverzoeken. De koning heeft ook het recht collectieve gratie te verlenen. Dat is niet meer toegepast sinds 1993 – toen zelfs naar aanleiding van het Belgisch EU-voorzitterschap! Collectieve gratie behoort in feite nog steeds tot de bevoegdheden van de koning. Boudewijn paste ze 15 maal toe. Het was een probaat middel om de gevangenisbevolking op tijd en stond wat op te kuisen. Een loterij, maar het werd in de Belgische geschiedenis veelvuldig toegepast bij allerlei grote en minder grote koninklijke gebeurtenissen. Sinds de affaire-Dutroux is de kans heel klein geworden dat de poorten nog eens op die manier worden open gezet. De genaamde Marc Dutroux had immers tot twee maal toe van een dergelijke gratie mogen genieten.

Na Dutroux is collectieve gratie nog moeilijk te verkopen, maar het is niet uit te sluiten dat er nog eens een bevlogen monarch opduikt, die gratie als zijn koninklijk recht gaat beschouwen. Einde 1999 werd het nog met aandrang gevraagd bij het huwelijk van Filip en Mathilde. Er werd toen zelfs door de Liga voor de Mensenrechten gesproken over “een mooie royalistische traditie”. Er was niets moois aan, ook niet uit sociaal oogpunt, want gedetineerden werden vaak zonder enige begeleiding plots buitengezet. Het was gewoon een miskleun.

Laten we deze koekjesdozenromantiek zo vlug mogelijk bannen. Als er individuele dossiers zijn die een strafvermindering rechtvaardigen – wat kan – dan zijn er andere wegen te bewandelen. De N-VA wil dat het genaderecht gewoon wordt afgeschaft. Bij de bevolking leeft nu al de indruk dat de straffeloosheid in België welig tiert. Sinds ruim twee jaar zijn er in dit land strafuitvoeringsrechtbanken om te oordelen of gevangenen vervroegd kunnen worden vrijgelaten. We weten wel dat er kritiek is op de werking van die strafuitvoering, maar het kan toch geen reden zijn om middeleeuwse methodes te laten voortbestaan.

Auteur:
Els De Rammelaere
Kamerlid N-VA

U wil reageren:
E-post: els.derammelaere@n-va.be