Huurwagens mogen niet langer een anoniem wapen zijn

3 november 2017, over deze onderwerpen: Mobiliteit, Veiligheid

Federaal mobiliteitsminister François Bellot liet deze week optekenen in een interview, dat hij bedrijven zelf wil laten betalen als niet duidelijk is welke werknemer een snelheidsovertreding maakt met zijn of haar firmawagen. Een wijziging van de wet ligt in het verschiet vertelde hij nog. “Laat dit nu net haaks staan op de wetswijziging die wij willen”, zegt Kamerlid en voorzitter van de tijdelijke commissie Terreurbestrijding Koen Metsu. “Bestuurders van voertuigen in de anonimiteit laten, is een absolute no-go als we aanslagen zoals in New York willen vermijden.”

De teller van de aanslagen met gehuurde voertuigen blijft na Nice, Berlijn, Barcelona en Londen oplopen. De aanslag met een gehuurde vrachtwagen in New York, een zogenaamde Rental attack, enkele dagen geleden heeft dit nog maar eens aangetoond. Eind augustus, na de aanslag in Barcelona, werd in ons land al eens aan de alarmbel getrokken door minister Jambon: “We moeten weten wie, wanneer, welke auto bestuurt” zei de minister van Binnenlandse Zaken toen.

“Het is belangrijk dat verhuurbedrijven, leasefirma’s, bedrijven met poolwagens en verstrekkers van deelauto’s die informatie ook effectief aan de Kruispuntdatabank van de Voertuigen bezorgen. Je kan beter inspelen op het voorkomen van terreur als je ‘real time’ weet, wie met welk voertuig rijdt. Er moet een alarmbel kunnen afgaan wanneer een terreurverdachte, een familielid van een terreurverdachte of andere crimineel een wagen huurt. Want ik moet u niet vertellen dat huurwagens het wapen bij uitstek zijn geworden om aanslagen mee te plegen”, zegt Koen Metsu.

Terreurgroep IS doet zelfs niet meer de moeite om haar manier van werken te verhullen. Ongegeneerd roepen ze via campagnes op om dergelijke aanvallen op te drijven. Zo kon je deze week in de krant Het Laatste Nieuws één van de propaganda-affiches van IS bewonderen. Die affiche bevat tips and tricks voor de ideale rental attack.

“Ik stel mij dan ook de vraag, hoe het komt dat de reeds bestaande wetgeving (artikel 13 van het KB van 8 juli 2013 geënt op de wet van 19 mei 2010) niet wordt nageleefd. Daarnaast acht ik een verstrenging van de desbetreffende wetgeving nodig om zo de mazen van het net nog beter te dichten”, stelt Metsu. “Ik zal minister van Mobiliteit Bellot hierover eerstdaags ondervragen. Ik sta indien nodig klaar met mijn wetsvoorstel om de minister in de opvolging van dit dossier te ondersteunen.”